Kantoor Kempen

T+ 32 14 54 68 43

Kantoor Mechelen

T+ 32 15 69 02 18

Kantoor Hasselt

T+ 32 11 36 09 71

Vermeulen

Nieuwsbrief 2016-7

1. Kantoornieuws

 

Van de hand van mr. Ilse Van Puyvelde verscheen bij die Keure (Brugge) het lijvige werk “Aanpasbaarheid van de bedongen arbeid als modaliteit van vastheid van betrekking”.

 

Het is de geactualiseerde uitgave van het proefschrift dat zij vorig jaar verdedigde aan de Universiteit Antwerpen met het oog op haar doctoraat. U vindt hier meer informatie.

 

 

2. Seminaries

 

-20 jaar Welzijnswet - Ilse Van Puyvelde – Antwerpen - 15 december 2016

 

De Universiteit Antwerpen en de Vereniging voor Arbeidsrecht Rechtsgebied Antwerpen organiseren op 15 december 2016 een studiemiddag over 20 jaar Welzijnswet. Mr. Ilse Van Puyvelde zal samen met prof. A. Van Regenmortel een voordracht geven over 'het statuut van de preventieadviseur - rechtspraak'. Informatie vindt u hier.

 

Mr. Van Puyvelde is mede-auteur van het Handboek Welzijn op het Werk. Juridische aspecten (die Keure, 2015) – het standaardwerk over deze materie.

 

-Spitsuur HR - 7 maart 2017

 

Noteer de datum van het volgende Spitsuur HR al in uw agenda van 2017. Op spitsuurhr.be vindt u trouwens foto’s van het Spitsuur HR van 11 oktober 2016.

 

3. Wetgeving

 

3.1 Langdurige arbeidsongeschiktheid

 

De regels over het einde van de arbeidsovereenkomst bij een blijvende arbeidsongeschiktheid van de werknemer wijzigen drastisch. De partijen  zullen in dergelijk geval pas de overmacht kunnen inroepen om een einde te maken aan de arbeidsovereenkomst nadat de werknemer een re-integratietraject heeft gevolgd.

 

Zeer summier samengevat volgt de zeer uitvoerige en gedetailleerde regeling de volgende krachtlijnen. In het re-integratietraject zal de arbeidsgeneesheer een belangrijke rol spelen. Op vraag van de werknemer of van de werkgever zal hij moeten onderzoeken welke mogelijkheden er zijn tot aanpassing van de werkpost van de werknemer en/of tot het tijdelijk of definitief uitvoeren van ander werk. Nadat de arbeidsgeneesheer zijn beslissing daarover heeft meegedeeld, zal de werkgever met de werknemer moeten overleggen over een re-integratie. (Tenzij de arbeidsgeneesheer oordeelt dat de werknemer definitief ongeschikt is om het overeengekomen werk te hervatten en niet in staat om bij de werkgever enig aangepast of ander werk uit te voeren.) Na dat overleg zal hij een plan voorstellen aan de werknemer of hem laten weten dat hij geen plan kan voorstellen, omdat hij meent dat dat technisch of objectief onmogelijk is, of om gegronde redenen redelijkerwijze niet kan worden geëist.  Hij motiveert in een verslag waarom hij geen plan voorstelt. Indien de werkgever wel een plan voorstelt, heeft de werknemer een korte termijn om dat te aanvaarden of te weigeren. De nieuwe regeling bepaalt op welk ogenblik het re-integratietraject eindigt.

 

3.2 Bijstand tijdens een onderzoek door de sociale inspectie

 

Op 27 november 2016 trad een nieuwe regeling m.b.t. het recht op bijstand tijdens strafonderzoeken in werking. Die gelden ook voor onderzoeken door de sociale inspectie. Het recht op bijstand door een advocaat wordt verruimd en die advocaat krijgt ook een ruimere rol toebedeeld tijdens het verhoor.

 

De zwaarste sanctie in het Sociaal Strafwetboek is de gevangenisstraf van 3 jaar voor misdrijven die onder niveau 4 vallen. Het schoolvoorbeeld daarvan is het niet-nakomen van de dimona-aangifteplicht. Andere voorbeelden: het plegen van “een daad van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk”, het niet-toegelaten tewerkstellen van buitenlandse werknemers, het afleggen van onjuiste of onvolledige verklaring om geen of minder bijdragen te betalen, …

 

De misdrijven van niveau 1 tot en met 3 worden enkel met geldboetes bestraft.

 

De nieuwe Salduzwet voorziet het recht op vertrouwelijk overleg met een advocaat vooraleer de onderzoeker overgaat tot het verhoor van iemand die verdacht wordt van een misdrijf waarop een vrijheidsstraf staat, ook al werd hij niet gearresteerd. Wanneer de verdachte niet werd benomen van zijn vrijheid, veronderstelt men dat hij zelf op voorhand met een advocaat heeft overlegd, tenminste wanneer de uitnodiging van de onderzoekers tot verhoor onder meer dat recht op voorafgaand overleg vermeldt samen met de feiten waarover het verhoor zal gaan. Is er geen uitnodiging vooraf of is die onvolledig, dan kan de verdachte het verhoor eenmalig laten uitstellen.

 

Vanaf 27 november 2016 hebben alle verdachten van misdrijven waarop een vrijheidsstraf staat bovendien recht op bijstand tijdens alle verhoren. Dat was voordien enkel het geval tijdens een voorlopige hechtenis.

 

De rol van de advocaat wordt uitgebreid. Hoewel het hem niet toegestaan is “te antwoorden in de plaats van de verdachte of het verloop van het verhoor te hinderen”, mag hij opmerkingen maken over het onderzoek en over het verhoor. Daarnaast kan hij ook verduidelijkingen vragen over de gestelde vragen en kan hij vragen dat bepaalde opsporingshandelingen worden verricht of bepaalde verhoren worden afgenomen.

 

 

Ludo Vermeulen

ludo.vermeulen@vermeulen-law.be

 

Volg ons ook op LinkedIn

Afbeeldingsresultaat voor logo linkedin

 

 

 

 

 

Stel uw vraag

 

En wij nemen zo snel mogelijk contact met u op